Bevolkingsgroei Basisprincipes
Bevolkingsgroei werkt eigenlijk heel simpel: het komt door natuurlijke bevolkingsgroei (meer geboorten dan sterfgevallen) en sociale bevolkingsgroei (meer immigratie dan emigratie). Als je deze twee bij elkaar optelt, weet je of een gebied groeit of krimpt.
Geboorteoverschot bereken je door het geboortecijfer min het sterftecijfer per 1000 inwoners. Vestigingsoverschot krijg je door het immigratiecijfer min het emigratiecijfer. Simpel genoeg!
In Nederland zien we verschillende migratiestromen: gastarbeiders, mensen uit voormalige Nederlandse koloniën (zoals Surinamers en Antillianen), politieke vluchtelingen en EU-burgers. Deze groepen hebben allemaal hun eigen redenen om naar Nederland te komen.
Onthoud: Groeigebieden worden aantrekkelijker, krimpgebieden verliezen voorzieningen - een zichzelf versterkend proces.
Belangrijke concepten zijn vergrijzing (meer ouderen, minder jongeren) en ontgroening (omgekeerd). Ook de drempelwaarde is cruciaal: dat's het minimumaantal klanten dat een voorziening nodig heeft om te overleven.







