Lineaire verbanden, stelsels en kwadratische vergelijkingen
Lineaire verbanden volgen altijd de formule y = ax + b. Hierbij is b het snijpunt met de y-as (ook wel het startgetal genoemd) en a de richtingscoëfficiënt die je berekent met Δy/Δx. Als je een lijn moet opstellen door twee punten, gebruik je deze waarden om de vergelijking te maken.
Stelsels vergelijkingen los je op door elimineren of substitutie. Bij elimineren trek je de ene vergelijking van de andere af om een variabele weg te werken. Bij substitutie vervang je een variabele door een uitdrukking uit de andere vergelijking. Het doel is altijd om de (x,y) waarden te vinden.
Kwadratische vergelijkingen herken je aan de x². Je kunt ze oplossen door ontbinden in factoren (2 termen of dubbele haakjes) of met de abc-formule: x = /2a, waarbij p = b² - 4ac. De top van de parabool vind je met k = -b/2a.
Let op: Exact oplossen betekent zonder grafische rekenmachine, terwijl "rond af op..." betekent dat je wel je GR mag gebruiken!













