Vulkanen en Aardkrachten
Vulkanen komen in verschillende vormen, afhankelijk van hoe de aardplaten bewegen. Een stratovulkaan ontstaat waar één plaat onder een andere duikt (subductie). Deze vulkanen hebben steile hellingen en bestaan uit lagen lava en as. Het magma is dik en stroperig, waardoor gevaarlijke pyroclastische stromen kunnen ontstaan - hete wolken die razendsnel de helling afdalen.
Schildvulkanen zijn heel anders. Hun magma is dun en vloeibaar, waardoor het gemakkelijk wegstroomt over grote gebieden. Dit vormt bergen met flauwe hellingen, en de uitbarstingen zijn meestal rustiger.
Een calderavulkaan is eigenlijk een ingestorte oude vulkaan. Wanneer de magmakamer leegloopt, stort het dak in en ontstaat een enorme krater van kilometers breed.
De krachten die onze aarde vormen zijn endogene krachten (van binnenuit, zoals vulkanen) en exogene krachten (van buitenaf, zoals wind en water). Plaatbewegingen zijn divergent (uit elkaar), convergent (naar elkaar toe) of transformerend (langs elkaar).
Onthoud: Dik magma = explosieve uitbarstingen, dun magma = rustige uitbarstingen!