Prikkels en Gedrag
Je lichaam reageert constant op prikkels - signalen die gedrag uitlokken. Inwendige prikkels komen van binnenuit, zoals honger, dorst of hormonen die je zin geven in bepaalde dingen. Uitwendige prikkels komen van buitenaf: licht, geluid, geur, smaak of temperatuur.
Een respons is jouw reactie op deze prikkels. Je reageert pas als de motivatie hoog genoeg is - dit noemt men de drempelwaarde. Stel je voor: je hoort muziek (prikkel), maar je gaat pas dansen (respons) als je er echt zin in hebt.
Gedrag bestaat uit verschillende handelingen die samen een gedragssysteem vormen. Bijvoorbeeld haarverzorging: kammen, wassen, gel gebruiken. Deze handelingen volgen elkaar vaak op in een gedragsketen.
Let op: Een sleutelprikkel speelt een doorslaggevende rol bij bepaald gedrag. Een supernormale prikkel is een versterkte versie die nog sterker werkt dan normaal.