De Tijd Aflezen in het Engels
O'clock gebruik je alleen voor hele uren - dus "three o'clock" betekent precies 3:00. Dit is de makkelijkste vorm om te onthouden.
Voor minuten gebruik je past (voor de eerste helft van het uur) en to (voor de tweede helft). "Five past three" is 3:05, terwijl "five to three" betekent 2:55.
De belangrijkste tijdaanduidingen die je moet kennen zijn quarter past (kwart over), half past (half) en quarter to (kwart voor). Let op: in het Engels zeg je "half past two" voor half drie!
Voor andere minuten tel je gewoon: ten past, twenty past, twenty-five past enzovoort. Na de 30 minuten draai je het om: twenty-five to, twenty to, ten to.
Tip: Onthoud dat je na 30 minuten altijd "to" gebruikt en naar het volgende uur telt!