Vrije Wereldhandel: De Basis
Vrije handel betekent simpelweg dat landen zonder obstakels met elkaar kunnen handelen. Geen rare belastingen, geen verboden - gewoon handel zoals jij spullen ruilt met vrienden.
Bij vrije wereldhandel bestaan er geen handelsbelemmeringen. Normaal gesproken beschermen landen hun eigen producten door buitenlandse spullen duurder te maken, maar bij vrije handel gebeurt dat niet.
Handelsgewassen zijn producten die landen speciaal verbouwen om te verkopen aan andere landen. Denk aan koffie uit Brazilië of cacao uit Ghana - die worden niet voor de lokale bevolking geteeld, maar puur voor export.
Let op: Veel ontwikkelingslanden zijn zo gefocust op export dat ze vergeten genoeg voedsel voor hun eigen mensen te verbouwen!
Voordelen zijn duidelijk: je kunt goedkoop importeren wat je nodig hebt. Nadelen zijn echter ook behoorlijk heftig. Prijzen schommelen constant - veel vraag betekent hoge prijzen, weinig vraag betekent lage prijzen.
De concurrentie is moordend. Als een ander land betere kwaliteit levert, koopt niemand meer jouw producten. Het ergste is dat landen hun eigen voedselproductie kunnen verliezen - zoals Nigeria, dat zoveel exporteert dat ze afhankelijk zijn geworden van voedselimport.