Transport door membranen
Membranen zijn selectieve poortwachters! Apolaire stoffen zoals vetten en gassen passeren gemakkelijk, maar polaire stoffen zoals ionen en eiwitten hebben hulp nodig.
Concentratie geeft aan hoeveel stof in een oplossing zit g/L,mol/Lofppm. Diffusie is de beweging van stoffen van hoge naar lage concentratie door moleculaire beweging en botsingen in het medium.
Permeabele membranen laten alles door, maar selectief permeabele membranen blokkeren grote moleculen. Osmose is diffusie van water door zo'n membraan - water beweegt naar de plaats met de laagste waterconcentratie.
De osmotische waarde hangt af van het totale aantal opgeloste deeltjes. Bij verschillende osmotische waarden ontstaat osmotische druk - water stroomt naar de oplossing met de hoogste osmotische waarde.
Aquaporiën zijn waterkanalen in celmembranen die osmose versnellen. Hoe meer aquaporiën, hoe doorlaatbaarder het membraan voor water.
💡 Ezelsbruggetje: Water volgt altijd de "zoute" oplossing - het gaat naar waar de meeste deeltjes opgelost zijn!