Vragen stellen en tijdsaanduidingen
Vragen maken is simpel: zet Do of Does vooraan, gevolgd door het onderwerp en het werkwoord zonder -s. "Do you play football?" of "Does she like music?" Bij korte antwoorden zeg je "Yes, I do" of "No, she doesn't" - gebruik altijd do/does/don't/doesn't.
Present simple werkt perfect samen met tijdswoorden die frequentie aangeven. Denk aan always, often, sometimes, usually, hardly ever en never. Deze woorden vertellen hoe vaak iets gebeurt.
Ook combineer je het met tijdsuitdrukkingen zoals every day, once a week, of in the morning. Deze woorden maken meteen duidelijk dat je over regelmatige dingen praat, dus present simple is de juiste keuze.
💡 Tip: Zie je woorden zoals 'always' of 'every day'? Dan weet je zeker dat present simple de goede vorm is!