De landbouwsamenleving
De landbouwrevolutie veranderde alles: mensen gingen sedentair leven (op een vaste plek blijven). Dorpen werden autarkisch - ze konden in hun eigen behoeften voorzien door de natuur slim te gebruiken.
Nu werden bezittingen plots belangrijk, vooral grond. Sommige mensen kregen meer spullen dan anderen en daardoor ook meer aanzien en macht. Ouders gaven hun bezit door aan kinderen, waardoor sociale ongelijkheid ontstond.
Deze verschillen leidden tot conflicten en zelfs slavernij - sommige mensen werden letterlijk bezit van anderen. Je kunt dit verschil nog steeds zien in prehistorische graven: belangrijke mensen kregen monumentale graven met grafgiften.
Prehistorische boeren geloofden in een hiernamaals en hadden een natuurgodsdienst. Ze vereerden de zon, bliksem, dieren en rivieren door rituelen zoals dansen, zingen en offeren.
Interessant: De eerste sociale ongelijkheid ontstond dus door de landbouw - vóór die tijd waren jagers-verzamelaars veel gelijker!