Nieuwe Politieke Bewegingen
In de 19e eeuw ontstonden er vijf grote politieke stromingen die nog steeds belangrijk zijn. Liberalisme wilde zo veel mogelijk individuele vrijheid, socialisme streefde naar gelijkheid, en confessionalisme wilde een christelijke samenleving.
Liberalen vonden dat iedereen gelijk moest zijn voor de wet en wilden persvrijheid. Dit sprak vooral aan bij de rijke industriële kapitalisten en de middenklasse - logisch, want zij hadden baat bij meer vrijheid voor hun bedrijven.
Het nationalisme beweerde dat elk volk recht had op een eigen land en kon beslissen over zijn eigen lot. Dit zelfbeschikkingsrecht zorgde voor veel spanning in Europa.
Karl Marx ontwikkelde het socialisme verder: hij voorspelde dat de groeiende groep arme arbeiders uiteindelijk in opstand zou komen tegen de rijke fabriekeigenaren. Deze klassenstrijd zou leiden tot een revolutie en een klassenloze samenleving.
Belangrijk: Deze politieke bewegingen ontstonden als reactie op de problemen van de industrialisatie - armoede, ongelijkheid en sociale onrust.