Van molecuul tot ecosysteem
Het leven is georganiseerd in verschillende organisatieniveaus, van klein naar groot. Elk niveau bouwt voort op het vorige en wordt complexer.
De belangrijkste niveaus zijn: moleculen (kleinste deeltjes met eigenschappen), organellen (onderdelen van cellen), cellen (kleinste levende eenheden), weefsels (groepen identieke cellen), organen (verschillende weefsels samen), orgaanstelsels (organen die samenwerken), en organismen (complete levende wezens).
Cellen zijn bijzonder omdat ze alle levenskenmerken vertonen: beweging, groei, stofwisseling, reageren op prikkels, voortplanting en erfelijke eigenschappen doorgeven via DNA. Met een lichtmicroscoop kun je cellen 1000x vergroten, terwijl een elektronenmicroscoop tot 500.000x vergroot.
Let op: Cellen zijn de kleinste eenheden die nog alle eigenschappen van leven hebben!