Organismen en Levenskenmerken
Alle levende wezens - planten, dieren, schimmels en bacteriën - zijn opgebouwd uit cellen. Dit is wat ze allemaal levend maakt! Deze organismen delen allemaal dezelfde basiskenmerken die hen onderscheiden van niet-levende dingen.
De levenskenmerken zijn eigenlijk best logisch als je erover nadenkt. Ademhaling, uitscheiden en voeden vallen onder stofwisseling - basically hoe je lichaam energie krijgt en afval kwijtraakt. Daarnaast kunnen alle levende wezens groeien (groter en zwaarder worden), zich ontwikkelen (veranderen in bouw), waarnemen, bewegen en zich voortplanten.
Menselijke levensfasen lopen van baby 0−1,5jaar via peuter, kleuter, schoolkind en puber naar adolescent 16−21jaar, volwassene (21-65) en oudere (65+). Elk individu heeft zijn eigen levensloop van bevruchting tot dood, maar door voortplanting blijft de levenscyclus van de hele soort doorgaan.
💡 Onthoud dit: Groei = groter worden, ontwikkeling = veranderen in vorm en functie. Dit gebeurt zowel lichamelijk als geestelijk!