De statistische cyclus: van vraag naar conclusie
Statistisch onderzoek draait om het vinden van antwoorden door informatie te verzamelen - die verzamelde informatie noem je data. Het proces bestaat uit vier stappen: onderzoeksvraag opstellen, data verzamelen, data analyseren en conclusies trekken.
Een goede onderzoeksvraag toont een verband tussen twee of meer zaken. Dit kan een causaal verband zijn (het ene veroorzaakt het andere) of gewoon een samenhang. Je vraag moet scherp, eenvoudig en nieuw zijn - geen foute aannames bevatten.
Bij het data verzamelen gebruik je vaak een enquête met respondenten. De kenmerken die je onderzoekt heten variabelen. Kwalitatieve variabelen zijn eigenschappen waar je niet mee kunt rekenen (zoals kleur), kwantitatieve variabelen zijn hoeveelheden (zoals lengte).
Let op: Kwalitatieve variabelen zijn ofwel ordinaal (met volgorde) ofwel nominaal (zonder volgorde). Kwantitatieve variabelen zijn discreet (alleen hele getallen) of continu (alle tussenwaarden mogelijk).
Voor data-analyse bereken je centrummaten zoals gemiddelde, mediaan of modus. Het gemiddelde is gevoelig voor uitschieters maar gebruikt alle getallen. De mediaan is ongevoelig voor uitschieters maar gebruikt alleen de middelste waarden.























