Overzicht van de Tien Tijdvakken
De prehistorie en oudheid vormen de basis van onze beschaving. Tijdvak 1 (Jagers en Verzamelaars) loopt tot 3000 voor Christus, gevolgd door tijdvak 2 (Grieken en Romeinen) dat eindigt rond 500 na Christus.
De middeleeuwen beslaan twee belangrijke tijdvakken. Tijdvak 3 MonnikenenRidders,500−1000 en tijdvak 4 StedenenStaten,1000−1500 laten de overgang zien van feodalisme naar stedelijke ontwikkeling.
De vroegmoderne tijd omvat drie cruciale periodes: tijdvak 5 OntdekkersenHervormers,1500−1600, tijdvak 6 RegentenenVorsten,1600−1700 en tijdvak 7 PruikenenRevoluties,1700−1800. Deze eeuwen brachten grote veranderingen in religie, politiek en samenleving.
De moderne tijd begint met tijdvak 8 BurgersenStoommachines,1800−1900, gevolgd door tijdvak 9 Wereldoorlogen,1900−1945 en eindigt met tijdvak 10 ComputerenTelevisie,1945−nu. Let op: sommige tijdvakken worden behandeld in verschillende hoofdstukken van je geschiedenisboek.
💡 Handig om te weten: Deze tijdvakken zijn niet willekeurig gekozen - elke naam verwijst naar de belangrijkste ontwikkelingen van die periode. Dit helpt je onthouden wat er speelde!