DNA, RNA en Eiwitsynthese
Je lichaam maakt ongeveer 40.000 verschillende eiwitten uit slechts 20 bouwstenen (aminozuren). Deze eiwitten doen letterlijk alles: van zuurstof transporteren tot spieren laten bewegen. Het DNA in je celkern bevat de instructies voor al deze eiwitten.
DNA is een dubbele helix met vier letters (A, T, C, G) die altijd in vaste paren voorkomen: A met T en C met G. RNA is de enkelvoudige kopie die de boodschap van DNA naar de ribosomen brengt, waar eiwitten gemaakt worden.
Bij eiwitsynthese wordt eerst een RNA-kopie gemaakt (transcriptie), die vervolgens door ribosomen gelezen wordt. Elke drie letters (een codon) staat voor één aminozuur. De keten van aminozuren vouwt zich tot een werkend eiwit.
Mutaties kunnen ontstaan door fouten in het DNA. Sommige zijn onschuldig, andere veroorzaken problemen. Een puntmutatie verandert één letter, terwijl grotere mutaties hele stukken DNA kunnen beïnvloeden.
Belangrijk: Eiwitsynthese is als een recept volgen - DNA heeft het recept, RNA brengt het over, en ribosomen koken het gerecht!